Draai de koersen om

Wisselkoers Euro

De euro is de officiële munteenheid van de 19 lidstaten van de Europese Economische en Monetaire Unie (EMU).

Vlag van Europese Unie
Euro
Landen
Andorra, België, Cyprus, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Kosovo, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Monaco, Montenegro, Nederland, Oostenrijk, Portugal, San Marino, Slovenië, Slowakije, Spanje en Vaticaanstad
ISO 4127-code
EUR
Valutateken

Inhoud

Wanneer werd de euro ingevoerd?

De afspraken omtrent de aanname van één Europese valuta werden gemaakt in 1992 tijdens het Verdrag van Maastricht. Minder dan tien jaar later was het op 1 januari 2002 tijd om de nieuwe valuta in gebruik te nemen na een uitgebreide voorbereiding. De euro was al sinds 1 januari 1999 in gebruik genomen, nadat er wisselkoersen waren vastgesteld voor de oude valuta’s van landen naar de nieuwe euro. Het werd echter pas een wettig betaalmiddel in de twaalf EU-landen op 1 januari 2002. Ter voorbereiding op dit moment waren in alle deelnemende landen alle munten en biljetten vervangen door euro’s in, dit was een van de grootste operaties voor het omwisselen van geld in de geschiedenis.

Op dat moment waren er twaalf landen die deelnamen aan de EMU met als grootste uitzonderingen het Verenigd Koninkrijk, Denemarken en Zweden. Aangezien deze landen allemaal wel behoorde tot de Europese Unie gingen deze landen tegen de verwachtingen in door de euro niet aan te nemen als nieuwe valuta.

Welke landen namen later de euro aan?

De euro is nu in gebruik door 19 van de 27 EU-landen, maar in 2002 waren er pas twaalf landen die de euro hadden aangenomen als nieuwe valuta, echter bestond de EU toen ook nog maar uit vijftien landen. Op 1 maart 2004 kwamen er nog tien landen bij de EU erbij met op 1 januari 2007 nog twee nieuwe toetreders. Tot slot kwam Kroatië op 1 juli 2013 erbij en verliet het Verenigd Koninkrijk de EU op 1 januari 2021. Een aantal van deze nieuwe landen besloten ook de euro als hun nieuwe valuta te gaan gebruiken:

  • Op 1 januari 2007 werd de euro ingevoerd in Slovenië
  • Op 1 januari 2008 werd de euro ingevoerd op Cyprus en Malta
  • Op 1 januari 2009 werd de euro ingevoerd in Slowakije
  • Op 1 januari 2011 werd de euro ingevoerd in Estland
  • Op 1 juli 2013 werd de euro ingevoerd in Andorra (ondanks dat ze niet in de EU zitten)
  • Op 1 januari 2014 werd de euro ingevoerd in Letland
  • Op 1 januari 2015 werd de euro ingevoerd in Litouwen

Waarom hebben niet alle EU-landen de euro?

Met de invoering van de euro werden er een aantal restricties gesteld aan de deelnemende landen om te voorkomen dat bijvoorbeeld een slecht overheidsbeleid van een land de gehele eurozone zou beïnvloeden. Hiermee wordt onder andere overheidshandelen in crisistijd bemoeilijkt en zijn de eurolanden meer afhankelijk van het beleid dat wordt besloten door de eurozone in zijn geheel. Waarom hebben niet alle EU-landen de euro is daarom een vrij simpel te beantwoorden. Deze landen houden liever zelf meer controle over hun wisselkoers en zijn liever niet te afhankelijk van het Europese beleid.

Er is wel eens overwogen door landen als Zweden en Denemarken om de euro aan te nemen als nieuwe valuta, maar dat liep uiteindelijk op niks uit. Zo hield Zweden in 2003 een referendum waarbij het haar bevolking vroeg of ze de euro wilden invoeren. Het resultaat: 55,9% van de bevolking stemde tegen de invoering van de euro.

Oost-Europese landen zoals Polen en Hongarije hebben ook geen euro, terwijl ze al wel langere tijd lid zijn van de Europese Unie. Echter hebben deze landen tot heden de euro niet aangenomen wegens politieke of financiële problemen. Zo kon Hongarije hun begrotingstekort niet oplossen om te voldoen aan de eisen van EMU, terwijl Polen met de nieuwe rechtse regering liever onafhankelijk blijft van andere Europese landen.

Voordelen van de euro

De invoering van de euro als algemene valuta voor een groot deel van Europa brengt een groot aantal voordelen met zich mee. Voor een deel zijn dit economische voordelen, maar er zijn ook verbeteringen in gebruiksvriendelijkheid.

Geen onderlinge wisselkoersen meer

Als je voor de invoering van de euro een roadtrip wilde maken door Europa moest je bij ieder land je geld weer inwisselen voor de lokale valuta van dat land. Dit is uiteraard uitermate niet-gebruiksvriendelijk. De invoering van de euro heeft het mogelijk gemaakt voor iedere Europese burger om gemakkelijk een reis te maken door meerdere landen, zonder veel tijd en transactiekosten te verspillen aan het omwisselen van de verschillende valuta’s

Toegenomen handel

Een voordeel dat voornamelijk voelbaar is voor de rijkere Noord-Europese landen. Landen als Duitsland, Noorwegen en ook Nederland zijn economisch zeer sterk en zouden daarom met hun eigen valuta een hoge wisselkoers afdwingen. Een hoge wisselkoers klinkt misschien positief, maar in macro-economisch perspectief kan dit ook nadelig uitpakken. Zeker voor een land dat zeer afhankelijk is van internationale handel, zoals Nederland.

Als een land een valuta gebruikt die een hoge koers heeft ten opzichte van zijn handelspartners kan dit lijden tot een lagere export. Stel, een Amerikaan gaat Nederlandse goederen kopen ter waarde van €500,-. De dollar heeft over het algemeen een lagere koers dan de euro, dus deze Amerikaan betaalt bijvoorbeeld $550,-. Als de euro in een nog betere positie belandt ten opzichte van de dollar waardoor de prijs oploopt naar $650,- gaat deze Amerikaan misschien zijn goederen niet meer importeren uit Nederland, want de prijzen zijn daar te duur geworden.

Een lagere export leidt vervolgens tot minder productie wat dan weer kan leiden tot werkloosheid in Nederland. Om deze reden willen landen vaak hun export hoog houden. Een van de methodes om dat voor elkaar te krijgen is het goedkoop houden van de valuta. Doordat Nederland de euro gebruikt wordt dit automatisch al gedaan zonder ingrijpen van de Nederlandse overheid. 

Zuid-Europese landen zijn over het algemeen minder politiek en economisch stabiel, maar gebruiken wel de euro. Dit heeft als gevolg dat de euro in waarde daalt, want je weet nooit wat er gaat gebeuren in die landen. Als Nederland nog de gulden had gehad, was de wisselkoers van de gulden waarschijnlijk flink hoog geweest vergeleken met andere landen. Dat zou dan dus lijden tot minder export en meer werkloosheid.

Geschiedenis van wisselkoers euro

De euro is nu al meer dan twintig jaar in omgang en heeft in die tijd zowel slechte als goede tijden gekend. De laagste wisselkoersen van de euro kwamen vrij kort na de introductie in het jaar 2000. Sindsdien heeft de euro een positieve opmars gemaakt tot het historisch hoogste punt in 2008. Door de kredietcrisis van 2008 viel de euro echter weer naar beneden. 

Dit werd gevolgd door de Europese staatsschuldencrisis van eind 2009. Griekenland kon zijn schulden niet meer financieren als gevolg van de kredietcrisis en de economie in het euroland dreigde om te vallen. Mede door omvangrijke steun vanuit andere EU-landen en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kon Griekenland worden gered van een complete afgang. Daarmee behoedde de EU ook de euro van een grote wisselkoers daling.

Bronnen